De zon gaat even onder.
Wat dagelijks was, verschuift
naar week na week,
naar voor altijd zonder.
Terwijl wij stilstaan, draait
alles rond ons verder rond.
Stilte pakt kelen, snoert de mond,
kleurt de nacht die hoofden graait.
We hoeven geen wanneer,
we kiezen te vertrouwen:
de zon komt ooit wel weer.
Dan bedanken we in gedeelde dingen
wat we missen, wat verliezen is.